Racing Horse Feed - Mestwetgeving

Paardenhouder valt per 1 januari 2006 onder nieuwe mestwet

Ook paardenhouders moeten zich voortaan aan de nieuwe meststoffenwet houden. Voor mest van kleine bedrijven en hobbypaarden gelden uitzonderingen.

De nieuwe mestwet is ook van toepassing op alle mest van paarden die bedrijfsmatig worden gehouden voor winst of gebruiksdoeleinden. Het kan gaan om dieren die voor hun producten worden gehouden of voor de bedrijfsmatige fokkerij. De regels gelden ook voor kleine paardenhouders, al zijn die van een aantal bepalingen vrijgesteld. Een klein bedrijf hoeft niet geregistreerd te staan bij Dienst Regelingen en er zijn geen administratie-eisen.
De regels voor het aan- en afvoeren van mest zijn wel van toepassing op kleine bedrijven. Dat houdt in dat de paardenhouder voor alle transporten een Vervoersbewijs dierlijke meststoffen opmaakt. Bovendien moet de mest worden vervoerd door een bij Dienst Regelingen geregistreerde intermediair. Ook wegen, bemonsteren en analyseren is verplicht.

Uitzonderingsregels Paardenmest die wordt afgevoerd naar champignonsubstraatbedrijven is uitgezonderd. Hiervan mag het gewicht worden geschat op basis van volume en soortelijk gewicht. De paardenhouder mag het forfaitaire mineralengehalte in de tabellenbrochure gebruiken. Bijladen mag. In bepaalde gevallen geldt voor kleine ondernemingen nog een uitzondering. Als de mest binnen 10 kilometer van het bedrijf rechtstreeks aan een ander landbouwbedrijf wordt geleverd, is wegen en bemonsteren niet nodig. De forfaitaire stikstof- en fosfaatgehalten zijn van toepassing. Om hiervoor in aanmerking te komen mag de aanvoer van dierlijke meststoffen en de productie van de op het bedrijf aanwezige dieren samen niet meer zijn dan 350 kilo stikstof per jaar. Ook mag het areaal landbouwgrond bij het bedrijf niet groter zijn dan 3 hectare. Voor agrarische bedrijven met een kleine neventak van enkele paarden gelden eveneens uitzonderingsregels. Blijft de jaarlijkse mestproductie van deze dieren onder de 350 kilo stikstof, dan hoeft voor deze dieren geen administratie te worden bijgehouden. Dat houdt in dat bijvoorbeeld wijzigingen in de dieraantallen niet hoeven te worden vastgelegd. En dat aan het eind van het jaar de aantallen dieren en de daarbij behorende mestvoorraad niet hoeft te worden bepaald. Alle andere verplichtingen, zoals het opmaken van een vervoersbewijs bij een transport van dierlijke meststoffen, blijven gewoon van kracht.

Hobbypaarden

Mest van paarden die voor de hobby worden gehouden valt niet onder het nieuwe mestbeleid. Het moet gaan om dieren die niet voor gebruiks- of winstdoeleinden in een bedrijfsmatige context worden gehouden. Gebruikt een landbouwbedrijf mest afkomstig van hobbypaarden, dan telt deze niet mee voor de gebruiksnorm dierlijke meststoffen, maar wel voor de totale hoeveelheid stikstof en fosfaat die op de landbouwgrond mag worden aangewend. Voor de aan- en afvoer van hobbypaardenmest hoeft geen Vervoersbewijs dierlijke meststoffen te worden opgemaakt. Het landbouwbedrijf moet wel bijhouden hoevéél paardenmest het heeft gebruikt. Voor de hoeveelheden stikstof en fosfaat gelden de vaste forfaits voor paardenmest. Het maakt hierbij niet uit of de mest is aangevoerd of van de eigen hobbypaarden komt.

In het kort

Overige informatie: LNV-Loket, 0800-2233322.
www.minlnv.nl/loket